ECLI:NL:CRVB:2009:BJ2147
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- L.J.A. Damen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid hoger beroep inzake herziening ANW-uitkering
Appellante ontvangt sinds 1996 een uitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW). In 2007 werd vastgesteld dat haar inkomen onjuist was berekend doordat de werkgeversbijdrage in de levensloopregeling ten onrechte als aftrekpost werd meegenomen. Dit leidde tot een terugvordering van te veel betaalde uitkering.
Na bezwaar werd het besluit gedeeltelijk gegrond verklaard en werd de terugvordering van €1.512,13 komen te vervallen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang, omdat het bezwaar feitelijk haar zin had gekregen.
In hoger beroep stelde appellante dat zij belang had bij een andere uitkomst omdat toekomstige herzieningen mogelijk wel in haar nadeel zouden uitvallen. De Raad oordeelde dat procesbelang ontbreekt omdat het resultaat van het beroep niet daadwerkelijk kan worden bereikt en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. De Raad zag geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.