ECLI:NL:CRVB:2009:BI5256
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht en niet-erkend alleenstaande ouderschap
Appellant en zijn voormalige partner ontvingen tot februari 2006 bijstand naar de norm voor gehuwden, welke werd ingetrokken vanwege het niet verschijnen bij een oproep voor nadere inlichtingen. Appellant vroeg vervolgens meerdere keren bijstand aan, zowel naar de norm voor gehuwden als voor alleenstaande ouders. Het College weigerde aanvankelijk de aanvragen wegens onduidelijkheid over de inkomens- en vermogenspositie van de partner en het ontbreken van bewijs dat appellant alleenstaande ouder was.
De rechtbank verklaarde de beroepen tegen de besluiten ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat hij recht had op bijstand als alleenstaande ouder, omdat zijn minderjarige zoon bij hem woonde en hij voor hem zorgde. De Raad oordeelde echter dat appellant niet had aangetoond dat hij aanspraak kon maken op kinderbijslag, een vereiste voor het erkennen van een ten laste komend kind volgens de WWB.
Ook werd vastgesteld dat appellant en zijn partner de inlichtingenplicht hadden geschonden door niet te verschijnen voor een gesprek en geen gegevens te verstrekken, waardoor het recht op bijstand niet vastgesteld kon worden. Het beroep op het recht op familieleven (artikel 8 EVRM Pro) was niet gemotiveerd en werd niet verder behandeld.
De Raad bevestigde het bestreden vonnis en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsuitkering wordt bevestigd en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.