ECLI:NL:CRVB:2009:BI2252
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens juiste medische en arbeidskundige beoordeling
Appellant ontving een WAO-uitkering die werd berekend op een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Na een medisch onderzoek door een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige werd vastgesteld dat appellant geschikt was voor werk met beperkte beperkingen, wat leidde tot een herberekening van het verlies aan verdiencapaciteit van slechts 5,79%.
Het UWV trok de WAO-uitkering per 21 april 2006 in. Appellant maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank vernietigde het besluit echter vanwege een berekeningsfout, maar oordeelde dat de medische en arbeidskundige grondslag juist was. De rechtbank vond het niet noodzakelijk om een medisch deskundige te raadplegen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn pijnklachten en beperkingen werden onderschat en verzocht om een deskundige. De Raad overwoog dat er voldoende medische gegevens waren en dat de beperkingen correct waren vastgesteld door de verzekeringsartsen. Het verzoek om een deskundige werd afgewezen omdat nader medisch onderzoek niet nodig werd geacht.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens juiste vaststelling van beperkingen en wijst het verzoek om een deskundige af.