ECLI:NL:CRVB:2009:BH4991
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- M.C.M. van Laar
- P.J. Jansen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ziekmelding en weigering ziekengeld na 104 weken ziekte
Appellante vorderde in hoger beroep vernietiging van een besluit van het UWV waarin haar ziekengeld werd geweigerd omdat zij reeds 104 weken ziek was. Het geschil draaide om de vraag vanaf welke datum zij zich ziek had gemeld bij haar werkgever. Appellante stelde dat dit op 19 april 2004 was, maar het UWV en de werkgever betwistten dit en stelden dat de ziekmelding pas op 1 mei 2006 had plaatsgevonden.
De rechtbank had het beroep van de werkgever gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens schending van de hoorplicht. Het UWV stelde vervolgens een nieuw besluit op na nader onderzoek, waarin werd geconcludeerd dat er geen aantoonbare ziekmelding was vóór 1 mei 2006. Appellante voerde aan dat zij mondeling ziekmelding had gedaan en dat het niet doorgeven daarvan aan het UWV voor rekening van de werkgever kwam.
De Raad overwoog dat het niet aannemelijk was dat appellante zich op 19 april 2004 ziek had gemeld bij de werkgever, mede gelet op tegenstrijdige getuigenverklaringen, het doorbetalen van loon en het ontbreken van re-integratieactiviteiten. Ook was appellante meer dan twee jaar niet actief geweest om te controleren of haar ziekmelding was doorgegeven. Het beroep van appellante werd ongegrond verklaard en het besluit van het UWV bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV tot weigering van ziekengeld wordt bevestigd.