ECLI:NL:CRVB:2009:BH4036
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen intrekking WAO-uitkering wegens arbeidskundige beoordeling
Betrokkene was werkzaam als productiemedewerkster in de vleesverwerkende industrie en ontving sinds 2002 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. Na een herbeoordeling in 2006 werd de uitkering ingetrokken op basis van een arbeidskundige rapportage die beperkte belastbaarheid vaststelde, wat leidde tot bezwaar en een uitspraak van de rechtbank die het besluit vernietigde wegens onvoldoende motivering van de arbeidskundige aspecten dominantie en localisatie.
In hoger beroep heeft appellant nieuwe rapportages overgelegd waarin wordt toegelicht dat de belastbaarheid van betrokkene voor de geduide functies adequaat is beoordeeld, met name dat het duwen van rolbakken met vleesdeeg van circa 80 kilogram haalbaar is binnen de beperkingen. De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat het hoger beroep zich beperkt tot de arbeidskundige grondslag, omdat de medische gronden door de rechtbank zijn verworpen en niet zijn bestreden.
De Raad oordeelt dat de arbeidsdeskundige een concrete en deugdelijke toelichting heeft gegeven en dat de belastbaarheid niet wordt overschreden. De Raad vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waarmee de intrekking van de WAO-uitkering standhoudt.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering blijft in stand.