ECLI:NL:CRVB:2009:BH2303
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid College tot terugvordering en invordering via incassobureau bevestigd
Appellant had bij de kantonrechter terugbetalingsverplichtingen vastgesteld gekregen voor leenbijstand en leningen verstrekt door de gemeente Dongen. Na gedeeltelijke aflossing verzocht appellant om finale kwijting, wat werd afgewezen. Het College stelde een betalingsregeling vast waarbij aflossing via een incassobureau plaatsvond.
Appellant stelde beroep in tegen het besluit van 4 december 2006, maar de rechtbank verklaarde zich onbevoegd omdat het beroep als bezwaarschrift werd aangemerkt. In hoger beroep betwistte appellant deze onbevoegdheid.
De Raad oordeelde dat het besluit van 4 december 2006 wel degelijk een besluit op bezwaar is, omdat het een heroverweging betrof van het oorspronkelijke besluit over terugbetaling. De rechtbank had zich ten onrechte onbevoegd verklaard. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en besloot het beroep zelf af te doen.
De Raad stelde vast dat appellant slechts in geringe mate had afgelost en dat het College in redelijkheid het besluit tot terugvordering en invordering via een incassobureau kon nemen. Het beroep werd ongegrond verklaard. Het besluit van 29 oktober 2007 werd vernietigd voor zover het bezwaar tegen het besluit van 4 december 2006 ongegrond werd verklaard. Het College werd veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugvorderingsbesluit van 4 december 2006 wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.