ECLI:NL:CRVB:2009:BH2051
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen brief re-integratieverplichtingen WWB
Appellante ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) met opgelegde arbeids- en re-integratieverplichtingen. Het College stuurde haar een brief waarin aanvullende verplichtingen werden vermeld, met een bezwaarclausule. Appellante maakte bezwaar tegen deze brief, dat niet-ontvankelijk werd verklaard door de rechtbank.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat de brief van 12 juni 2006 geen zelfstandig besluit is in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De brief bevat geen nadere concretisering van de re-integratieverplichting en verwijst slechts naar een trajectplan met algemene leerdoelen zonder concrete afspraken.
De Raad merkt op dat de onjuiste vermelding van een bezwaarclausule en de woordkeuze in de brief tot verwarring hebben geleid, maar dit verandert niets aan het oordeel dat het geen besluit betreft. Het bezwaar tegen de brief is daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat de brief geen zelfstandig besluit is en verklaart het bezwaar niet-ontvankelijk.