ECLI:NL:CRVB:2009:BH1771
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- J.F. Bandringa
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige weigering bijzondere bijstand voor arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandige
Appellant verzocht het College om bijzondere bijstand voor kosten van arbeidsongeschiktheidsverzekeringen die hij had afgesloten als zelfstandige. Het College wees dit verzoek af omdat de levensvatbaarheid van het bedrijf niet was vastgesteld. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het besluit, maar verklaarde een later beroep deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat hij nog steeds belang had bij beoordeling van zijn schade door de onrechtmatige weigering van bijstand. De Raad overwoog dat de beoordeling van de aanspraak op bijstand voor de DKV-verzekering niet langer in geschil was, omdat deze alsnog werd toegekend. De Raad stelde vast dat de weigering van bijstand voor de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen onrechtmatig was, mede omdat appellant ten onrechte niet als zelfstandige was aangemerkt.
De Raad oordeelde dat appellant procesbelang behield omdat het aannemelijk was dat hij schade had geleden door het besluit. Het Dagelijks Bestuur werd veroordeeld in de proceskosten en het besluit van 23 augustus 2006 werd vernietigd. Tevens werd het bezwaar tegen het besluit van 23 september 2003 gegrond verklaard en herroepen.
Uitkomst: Het besluit van 23 augustus 2006 wordt vernietigd en de weigering van bijzondere bijstand voor arbeidsongeschiktheidsverzekeringen wordt als onrechtmatig gekwalificeerd.