ECLI:NL:CRVB:2009:BH1669
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- M.C. Bruning
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens ongeschiktheid ambtenaar ondanks medische klachten en pestgedrag
Appellant was sinds 1998 werkzaam bij de Belastingdienst en kreeg in 2005 een negatieve beoordeling over zijn functioneren. Op basis hiervan werd hij ontslagen wegens ongeschiktheid, niet gerelateerd aan ziels- of lichaamsgebreken. Appellant maakte bezwaar tegen de beoordeling en het ontslag, maar deze werden ongegrond verklaard door de rechtbank.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn functioneren negatief werd beïnvloed door een kennisachterstand, pestgedrag van collega’s en medische klachten zoals een oogstoornis en ADD. De Raad oordeelde dat de negatieve beoordeling terecht was en niet enkel verklaard kon worden door kennisachterstand. Ook werd vastgesteld dat appellant ondanks begeleiding en opleidingen onvoldoende presteerde en geen volwassen taakhouding ontwikkelde.
De Raad concludeerde dat de positieve beoordelingen betrekking hadden op een atypische periode met strakke aansturing, waardoor deze niet afdoen aan het negatieve functioneren in de rest van de periode. Pestgedrag werd slechts éénmaal gemeld en had geen significante invloed op het functioneren. Medische klachten waren niet tijdig gemeld en konden het disfunctioneren niet verklaren. De Raad vond dat de staatssecretaris niet verplicht was een herplaatsingsonderzoek te doen en bevestigde het ontslagbesluit.
De Raad wees een proceskostenveroordeling af en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Zutphen van 18 juni 2007. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 15 januari 2009.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens ongeschiktheid wordt bevestigd.