ECLI:NL:CRVB:2008:BG9126
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering kinderbijslag wegens niet-verzekering op grond van AKW
Appellant, woonachtig in Marokko, diende in 1999 een aanvraag in voor kinderbijslag voor zijn negen kinderen. De Sociale verzekeringsbank (Svb) kende aanvankelijk kinderbijslag toe, maar herzag dit later omdat appellant een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontving die minder was dan 35% van het wettelijk minimumloon, waardoor hij niet verzekerd was volgens de Algemene Kinderbijslagwet (AKW).
De Svb besloot de kinderbijslag terug te vorderen en verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond. Appellant stelde opnieuw een aanvraag en kreeg opnieuw een afwijzing, waartegen hij beroep instelde. Tijdens de procedure trok de Svb het eerste besluit in en stelde een nieuw besluit in de plaats, dat eveneens werd bevestigd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant sinds 1989 een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt die onder de drempel van 35% van het wettelijk minimumloon ligt, waardoor hij niet verzekerd is volgens de AKW. Een toeslag op de uitkering telt hierbij niet mee. Het hoger beroep faalt en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit tot herziening en terugvordering kinderbijslag wordt bevestigd.