ECLI:NL:CRVB:2008:BG8947
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- L.J.A. Damen
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep over terugwerkende kracht indicatiebesluit AWBZ
Betrokkene, met een psychiatrische aandoening, was geïndiceerd voor diverse vormen van zorg via de AWBZ tot 15 augustus 2004. Op 4 januari 2005 werd namens hem een vervolgindicatie aangevraagd, die per 6 januari 2005 werd vastgesteld. Betrokkene maakte bezwaar tegen de ingangsdatum van deze indicatie en verzocht om terugwerkende kracht vanaf midden augustus 2004.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit van 13 april 2006, waarin het bezwaar ongegrond was verklaard. Appellante stelde dat het bezwaar niet-ontvankelijk was wegens te late indiening en dat betrokkene verwijtbaar had gehandeld door niet tijdig een aanvraag in te dienen.
De Raad oordeelde dat het bezwaarschrift te laat was ingediend, maar dat er sprake was van een verschoonbare termijnoverschrijding omdat betrokkene direct na ontvangst van het besluit contact had gezocht met het indicatieorgaan en het zorgkantoor. Verder stelde de Raad dat bijzondere omstandigheden aanwezig waren om af te wijken van het uitgangspunt dat een indicatiebesluit geen terugwerkende kracht heeft, omdat betrokkene voortzetting van een eerdere identieke indicatie vroeg en de zorg ook daadwerkelijk ontving.
De Raad verklaarde het bezwaar gegrond, bepaalde dat betrokkene over de periode van 15 augustus 2004 tot 4 januari 2005 geïndiceerd was voor de betreffende zorgvormen, bevestigde de vernietiging van het eerdere besluit en veroordeelde appellante in de proceskosten.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het indicatiebesluit is gegrond verklaard en de indicatie is met terugwerkende kracht vastgesteld.