ECLI:NL:CRVB:2008:BG7393
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks latere medische verklaring
Appellant stelde in hoger beroep dat zijn arbeidsongeschiktheid ernstiger was dan vastgesteld en dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn psychische en enkelklachten. Hij overlegde een medische verklaring van een orthopedisch chirurg, gedateerd ruim vier jaar na de datum in geschil.
De rechtbank had het beroep van appellant tegen de herziening van zijn WAO-uitkering per 18 april 2003 naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80% ongegrond verklaard. De Centrale Raad van Beroep onderschreef deze beslissing volledig en vond dat de rechtbank de aangevoerde gronden afdoende had besproken en gemotiveerd.
De medische verklaring van Speth werd niet relevant geacht omdat deze betrekking had op een situatie ruim vier jaar na de datum in geschil. Bovendien wees de bezwaarverzekeringsarts erop dat de verklaring een expectatieve behandeling suggereerde en dat zwaar fysieke arbeid en veel loopactiviteiten de klachten zouden verergeren. De arbeidsdeskundige concludeerde dat dergelijk werk niet voorkwam in de functies waarop de schatting van arbeidsongeschiktheid was gebaseerd.
De Raad zag geen gronden om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en bevestigde de aangevallen uitspraak. Het hoger beroep van appellant werd daarmee ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering naar 65-80% arbeidsongeschiktheid en verklaart het hoger beroep ongegrond.