ECLI:NL:CRVB:2008:BG5601
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- A.T. de Kwaasteniet
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering WAO-uitkering wegens inkomsten uit arbeid
Appellante ontving een WAO-uitkering die door het UWV werd herzien vanwege inkomsten uit arbeid in de periode 1996-1999. Het UWV besloot de uitkering aan te passen en onverschuldigd betaalde bedragen terug te vorderen. Appellante voerde aan dat zij niet wist dat zij inkomsten moest opgeven en betwistte de rechtmatigheid van de herziening en terugvordering.
De rechtbank bevestigde de herziening en de terugvordering, maar vernietigde het besluit over de invordering vanwege onduidelijkheid over betalingstermijnen en aflossingscapaciteit. De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en de hoogte van de terugvordering, oordeelt dat het UWV terecht de terugvordering toepast op grond van artikel 57 WAO Pro en de Regeling betaling, terugvordering en tenuitvoerlegging.
De Raad stelt dat appellante haar vermogen moet aanwenden voor betaling en dat de situatie geen schending van het rechtszekerheidsbeginsel oplevert. De Raad bevestigt de eerdere uitspraken en wijst op de noodzaak van een nader besluit van het UWV over de invordering. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering en de terugvordering van onverschuldigde betalingen.