ECLI:NL:CRVB:2008:BG4181

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
24 oktober 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07-332 WAO
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens ontbreken procesbelang in WAO-zaak

In deze bestuursrechtelijke zaak bij de Centrale Raad van Beroep stond een hoger beroep tegen het UWV centraal inzake een WAO-uitkering. De appellant had beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV, maar verscheen niet op de zitting. Ook het UWV was afwezig.

De Raad oordeelde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege het ontbreken van procesbelang. Dit betekent dat appellant onvoldoende belang had bij de behandeling van het beroep. Desondanks achtte de Raad de voorwaarden vervuld om het UWV te veroordelen in de proceskosten van appellant op grond van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.

De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van €322,- aan proceskosten voor verleende rechtsbijstand en tot vergoeding van het betaalde griffierecht van €105,- aan appellant. Beide partijen waren niet verschenen, maar de uitspraak werd mondeling gedaan op 24 oktober 2008 door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.

Uitkomst: Het hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang en het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.

Uitspraak

P R O C E S - V E R B A A L
van de mondelinge uitspraak op 24 oktober 2008
CENTRALE RAAD VAN BEROEP
enkelvoudige kamer
Zitting heeft: mr. R.C. Stam, lid van de enkelvoudige kamer
griffier: T.R.H. van Roekel
1e Zaak, reg.nr: 07/332 WAO
Inzake: [Naam appellant] wonende te [woonplaats], hierna appellant,
tegen
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen te Rotterdam, hierna Uwv.
Beide partijen zijn niet verschenen ter zitting
De Raad verklaart het hoger beroep niet ontvankelijk vanwege het ontbreken van procesbelang.
De Raad acht termen aanwezig om op grond van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht het Uwv te veroordelen in de proceskosten van appellant in hoger beroep.
De Raad veroordeelt de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in de proceskosten van appellant in hoger beroep tot een bedrag groot € 322,- voor verleende rechtsbijstand, te betalen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de griffier van de Raad;
Bepaalt dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan appellant het betaalde griffierecht ad € 105,- vergoedt.
Waarvan proces-verbaal.
Utrecht, 24 oktober 2008
De plv. griffier. Het lid van de enkelvoudige kamer.
T.R.H. van Roekel. R.C. Stam.
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de
Centrale Raad van Beroep.