ECLI:NL:CRVB:2008:BG4181
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.R.H. van Roekel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens ontbreken procesbelang in WAO-zaak
In deze bestuursrechtelijke zaak bij de Centrale Raad van Beroep stond een hoger beroep tegen het UWV centraal inzake een WAO-uitkering. De appellant had beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV, maar verscheen niet op de zitting. Ook het UWV was afwezig.
De Raad oordeelde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege het ontbreken van procesbelang. Dit betekent dat appellant onvoldoende belang had bij de behandeling van het beroep. Desondanks achtte de Raad de voorwaarden vervuld om het UWV te veroordelen in de proceskosten van appellant op grond van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van €322,- aan proceskosten voor verleende rechtsbijstand en tot vergoeding van het betaalde griffierecht van €105,- aan appellant. Beide partijen waren niet verschenen, maar de uitspraak werd mondeling gedaan op 24 oktober 2008 door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang en het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.