ECLI:NL:CRVB:2008:BG4178
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtsgevolgen herindicatie ondersteunende en activerende begeleiding AWBZ
Appellant, lijdend aan een paranoïde waanstoornis en schizotypische persoonlijkheidsstoornis, verzocht op grond van de AWBZ om een indicatie voor ondersteunende en activerende begeleiding in verband met zijn voorgenomen verhuizing naar zelfstandige woonruimte. Na een afwijzing en een herindicatie werd appellant geïndiceerd voor ondersteunende begeleiding klasse 3 en activerende begeleiding klasse 2.
De rechtbank vernietigde het besluit wegens onvoldoende motivering, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat CIZ alsnog een toereikende motivering had gegeven op basis van protocollen en medisch advies. Appellant stelde in hoger beroep dat hij recht had op meer uren begeleiding, gesteund door een verklaring van drs. Jacobs, maar onderbouwde dit niet met medische stukken.
De Raad oordeelde dat CIZ voldoende informatie had verstrekt, waaronder diverse medische rapporten en adviezen, en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij meer begeleiding nodig had dan geïndiceerd. Het standpunt van appellant werd niet ondersteund door de beschikbare medische gegevens.
Daarom bevestigde de Raad de aangevallen uitspraak voor zover de rechtsgevolgen in stand waren gelaten, zonder proceskostenveroordeling. De Raad vond geen aanleiding voor nader onderzoek bij drs. Jacobs, gezien het ontbreken van behandeling door hem en het ontbreken van onderbouwing door appellant.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit zijn terecht in stand gelaten omdat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt recht te hebben op meer begeleiding.