ECLI:NL:CRVB:2008:BG1883

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
23 oktober 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
06-5890 AOW
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75 AwbAlgemene Ouderdomswet
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging besluit AOW-afwijzing en opdracht tot nieuw besluit op bezwaar

Appellant had een aanvraag ingediend voor een ouderdomspensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW), welke door de Sociale verzekeringsbank (Svb) werd afgewezen omdat appellant niet verzekerd zou zijn geweest voor de AOW.

Na bezwaar en een eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het beroep ongegrond verklaarde, stelde appellant hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep. Tijdens de zitting bleek dat de Svb inmiddels een nieuw besluit had genomen waarbij appellant een gedeeltelijke AOW-uitkering werd toegekend.

De Raad oordeelde dat het oorspronkelijke bestreden besluit en de aangevallen uitspraak geen stand konden houden en vernietigde deze. De Svb werd opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen. Tevens werd bepaald dat het betaalde griffierecht aan appellant wordt vergoed.

Uitkomst: Het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak worden vernietigd en de Sociale verzekeringsbank wordt opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen.

Uitspraak

06/5890 AOW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[Naam appellant], wonende te Marokko (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 14 september 2006, 05/1418 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (hierna: Svb).
Datum uitspraak: 23 oktober 2008
I. PROCESVERLOOP
Appellant heeft hoger beroep ingesteld.
De Svb heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 14 augustus 2008. Appellant is niet verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door J.Y. van den Berg.
II. OVERWEGINGEN
1.1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden.
1.2. Bij besluit van 1 juli 2004 (hierna: het bestreden besluit) heeft de Svb de aanvraag van appellant tot toekenning van een ouderdomspensioen ingevolge de Algemene Ouderdomswet (AOW) afgewezen op de grond dat appellant nimmer verzekerd is geweest voor de AOW.
1.3. Bij besluit van 24 februari 2004 (hierna: het bestreden besluit) heeft de Svb het bezwaar van appellant tegen het besluit van 21 juli 2004 ongegrond verklaard.
2.1. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard.
3.1. Ter zitting van de Raad heeft de gemachtigde van de Svb meegedeeld dat hem bij de voorbereiding van de zitting is gebleken dat inmiddels op 4 maart 2008 een nieuw besluit is genomen waarbij aan appellant een gedeeltelijke AOW-uitkering is toegekend. De gemachtigde van de Svb heeft daarbij tevens aangegeven dat het bestreden besluit niet langer wordt gehandhaafd.
3.2. Gezien het vorenstaande kan het bestreden besluit, evenals de aangevallen uitspraak waarbij dit besluit in stand is gelaten, geen stand houden. De aangevallen uitspraak zal worden vernietigd evenals het bestreden besluit. De Svb zal worden opgedragen opnieuw op het bezwaar van appellant te beslissen.
3.3. De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Vernietigt de aangevallen uitspraak;
Verklaart het beroep gegrond en vernietigt het bestreden besluit;
Bepaalt dat de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank een nieuw besluit op bezwaar neemt;
Bepaalt dat de Sociale verzekeringsbank aan appellant het betaalde griffierecht van in totaal € 142,-- vergoedt.
Deze uitspraak is gedaan door H.J. de Mooij. De beslissing is, in tegenwoordigheid van W. Altenaar als griffier, uitgesproken in het openbaar op 23 oktober 2008.
(get.) H.J. de Mooij.
(get.) W. Altenaar.
IJ