ECLI:NL:CRVB:2008:BF3971
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- K. Zeilemaker
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Intrekking toeslag wegens niet als ongehuwd aanmerken en schending inlichtingenverplichting
Betrokkene ontving van 21 augustus 1991 tot en met 31 mei 2002 toeslag als ongehuwde op grond van de Toeslagenwet (TW). Naar aanleiding van informatie dat betrokkene vanaf 31 juli 1992 samenwoonde met haar echtgenoot, stelde appellant een onderzoek in en trok de toeslag met ingang van die datum in. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene tegen de intrekking gegrond en vernietigde het besluit, waarbij werd overwogen dat betrokkene gehuwd was en niet langer als ongehuwd kon worden aangemerkt, maar dat er geen schending van de inlichtingenverplichting was.
De Raad oordeelt dat betrokkene vanaf 31 juli 1992 niet als ongehuwd kan worden aangemerkt en dat de toeslag over de periode 31 juli 1992 tot en met 31 mei 2002 terecht is ingetrokken. Tevens stelt de Raad vast dat betrokkene de inlichtingenverplichting niet of niet behoorlijk is nagekomen door niet te melden dat zij met haar echtgenoot samenwoonde, waardoor de toeslag ten onrechte werd verleend. Er zijn geen dringende redenen om af te zien van intrekking.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover aangevochten en bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de toeslag wordt bevestigd en de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven in stand.