ECLI:NL:CRVB:2008:BF1380
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking besluit kinderbijslag en afwijzing schadevergoeding
Appellante had bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) om kinderbijslag voor haar dochter over 2003 te weigeren omdat de dochter 16 jaar was en niet als onderwijsvolgend of werkloos werd aangemerkt. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Na aanvullend onderzoek en advies van een psychiater heeft de Svb haar standpunt gewijzigd en het recht op kinderbijslag alsnog toegekend over het eerste tot en met vierde kwartaal van 2003.
Appellante verzocht daarnaast om vergoeding van kinderbijslag over het eerste en tweede kwartaal van 2004, griffierecht, reis- en verletkosten, communicatiekosten en immateriële schadevergoeding. De Svb vergoedde griffierecht en reis- en verletkosten, maar wees communicatiekosten en immateriële schade af. De Raad oordeelde dat alleen het beroep tegen het oorspronkelijke besluit over 2003 aan de orde was en dat het gewijzigde besluit de eerdere weigering geheel introk.
De Raad vernietigde het besluit van de rechtbank en het oorspronkelijke besluit van de Svb. Vergoeding van immateriële schade werd afgewezen omdat geen aantasting in persoon was vastgesteld, en communicatiekosten konden niet worden vergoed op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht. De Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het oorspronkelijke besluit tot weigering van kinderbijslag over 2003 is vernietigd en ingetrokken, verzoeken om immateriële schadevergoeding en communicatiekosten zijn afgewezen.