ECLI:NL:CRVB:2008:BF1379
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks geschil over medische beperkingen
Appellant ging in hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Leeuwarden die de herziening van zijn WAO-uitkering van 80-100% naar 25-35% arbeidsongeschiktheid in stand hield. Hij stelde dat hij meer beperkingen had dan erkend, met name op het gebied van sociaal functioneren en psychische klachten.
De Raad overwoog dat de medische beoordeling van de verzekeringsarts, zoals vastgelegd in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van november 2004, betrouwbaar was en dat appellant geen nieuwe medische stukken had overgelegd die twijfel konden zaaien. Ook werd vastgesteld dat het UWV wel degelijk beperkingen in het sociaal functioneren had erkend.
Verder vond de Raad dat de rapportages van de bezwaararbeidsdeskundige Van der Molen een sluitende motivering boden dat de voorgehouden functies medisch passend waren. De rechtbank had het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen daarvan met toepassing van artikel 8:72 Awb Pro in stand gelaten. De Raad bevestigde deze beslissing en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid.