ECLI:NL:CRVB:2008:BE9379
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Vergoeding loonschade na onrechtmatige loonsanctie door UWV
Appellante kreeg van het UWV een loondoorbetalingsverplichting opgelegd wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen jegens werknemer M. Dit besluit werd later herroepen, waarna appellante schadevergoeding claimde voor het volledige doorbetaalde loon en bijkomende kosten.
De rechtbank wees het beroep af, maar het UWV erkende in een later besluit slechts 70% van de loonschade te vergoeden. Appellante stelde dat het volledige loon en werkgeverslasten vergoed moesten worden, verwijzend naar gelijke gevallen en aanvullende kosten zoals accountants- en re-integratiekosten.
De Raad oordeelde dat het UWV onrechtmatig handelde door het oorspronkelijke besluit en dat de schadevergoeding moet aansluiten bij het burgerrechtelijk schadevergoedingsrecht. Daarbij is 70% van het loon plus werkgeverslasten passend, conform wettelijke bepalingen. Sommige kosten werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing of omdat ze onder het ondernemersrisico vallen.
De besluiten van het UWV en de uitspraak van de rechtbank werden vernietigd. Het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van de schade, proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van 70% van de loonschade en bijkomende kosten na onrechtmatige loonsanctie.