ECLI:NL:CRVB:2008:BD9347
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- K. Zeilemaker
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens verzwegen werkzaamheden en inkomsten
Appellant ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Naar aanleiding van een anonieme tip werd een onderzoek ingesteld waaruit bleek dat appellant werkzaamheden als marktkoopman verrichtte en inkomsten genereerde die niet aan het College waren gemeld.
Het College besloot daarom de bijstand over de periode van 28 augustus 2002 tot en met 28 februari 2006 in te trekken en de kosten terug te vorderen. De rechtbank verklaarde het beroep deels gegrond, maar liet het besluit tot intrekking en terugvordering grotendeels in stand.
In hoger beroep heeft de Raad geoordeeld dat de onderzoeksbevindingen voldoende zijn om het recht op bijstand niet vast te stellen vanwege verzwegen werkzaamheden en inkomsten. De stelling dat het om vrijwilligerswerk ging werd verworpen. Appellant heeft ook niet aannemelijk gemaakt dat hij recht had op bijstand indien hij wel aan zijn inlichtingenplicht had voldaan.
De Raad bevestigt het besluit van het College tot intrekking en terugvordering van bijstand en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand wordt bevestigd.