ECLI:NL:CRVB:2008:BD9111
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- K. Zeilemaker
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing langdurigheidstoeslag wegens onvoldoende arbeidsinschakeling ondanks bijzondere omstandigheden
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de WWB en vroegen een langdurigheidstoeslag aan. Het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam wees deze aanvraag af omdat appellanten onvoldoende hadden meegewerkt aan het verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid, onder meer vanwege opgelegde verlagingen van de bijstand wegens te laat terugkeren van vakantie en het niet tijdig inschrijven bij de CWI.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarna appellanten hoger beroep instelden bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad oordeelde dat het beleid van het College om bij bepaalde maatregelen zoals het niet tijdig inschrijven bij de CWI te concluderen dat niet aan de arbeidsinschakelingsplicht is voldaan, binnen redelijke beleidsgrenzen valt.
Hoewel appellanten stelden dat er bijzondere omstandigheden waren, zoals slechts één dag te laat terugkeren van vakantie en beperkte bemiddelingskansen vanwege leeftijd, opleiding en taalachterstand, vond de Raad dat het niet ingeschreven staan bij de CWI gedurende ongeveer een jaar wel degelijk van belang was. Uit het rapport Doelmatigheidsonderzoek bleek dat appellante bemiddelbaar werd geacht en dat er geen belemmeringen voor arbeidsinschakeling waren.
Daarom werd het hoger beroep verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen.
Uitkomst: De aanvraag langdurigheidstoeslag wordt afgewezen wegens onvoldoende medewerking aan arbeidsinschakeling.