ECLI:NL:CRVB:2008:BD7218
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- J.Th. Wolleswinkel
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontheffing voorzitterschap capaciteitsgroep wegens slechte werkverhoudingen
Appellant, sinds 1985 hoogleraar en voorzitter van een capaciteitsgroep aan een faculteit, werd in 2004 ontheven van zijn voorzitterschap vanwege een slechte werksfeer en onderlinge verhoudingen binnen de groep. Het college handhaafde dit besluit in bezwaar, waarna appellant beroep instelde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat er gewichtige redenen waren voor de ontheffing. In hoger beroep voerde appellant aan dat er geen onwerkbare situatie was en dat zijn positie als hoogleraar en betrokkenheid bij een interuniversitaire onderzoekschool van grotere betekenis was dan die van andere voorzitters.
De Raad overwoog dat het functioneren van appellant niet voldeed aan de redelijkerwijs te stellen eisen, wat door meerdere personen binnen de faculteit werd bevestigd. Conflicten, waaronder een belangrijk conflict met een collega hoogleraar, leidden tot een impasse die rechtvaardigde dat appellant werd ontheven. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en wees een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de ontheffing van appellant als voorzitter van de capaciteitsgroep wordt bevestigd.