ECLI:NL:CRVB:2008:BD5268
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen schorsing WAO-uitkering wegens niet verschijnen spreekuur arts
Appellante is het niet eens met het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering te schorsen per 1 augustus 2005 wegens het niet verschijnen op een spreekuur van de verzekeringsarts zonder geldige reden. Na een verzekeringsgeneeskundig onderzoek op 7 februari 2007 is de uitkering met terugwerkende kracht hervat vanaf 1 augustus 2005.
Het UWV heeft bij besluit van 17 december 2007 de WAO-uitkering verhoogd naar een arbeidsongeschiktheid van 80-100% ingaande 11 oktober 2004 en aangegeven de wettelijke rente te vergoeden. Appellante heeft geen andere schade gesteld of aannemelijk gemaakt.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het procesbelang van appellante is komen te vervallen. Daarom wordt het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vervallen procesbelang na hervatting van de WAO-uitkering met wettelijke rente.