ECLI:NL:CRVB:2008:BD4196
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- S. Sweep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep en veroordeling UWV tot rente- en proceskostenvergoeding
Appellante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Hertogenbosch inzake een WAO-zaak. Het UWV nam op 15 januari 2008 een nieuwe beslissing op bezwaar waarin het geheel tegemoet kwam aan de bezwaren van appellante. Vervolgens trok appellante het hoger beroep in en verzocht de Raad het UWV te veroordelen tot schadevergoeding en proceskosten.
De Raad stelde vast dat het bestuursorgaan inderdaad geheel aan de bezwaren tegemoet was gekomen en oordeelde dat het UWV op verzoek van appellante bij afzonderlijke uitspraak veroordeeld kon worden tot vergoeding van de schade en proceskosten conform de artikelen 8:73a en 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet.
De Raad veroordeelde het UWV tot vergoeding van de wettelijke rente over de na te betalen uitkering, verwijzend naar eerdere jurisprudentie voor de berekeningswijze. Tevens werden de proceskosten van € 322,- toegekend voor de verleende rechtsbijstand in hoger beroep. Het griffierecht in hoger beroep dient appellante rechtstreeks bij het UWV te verhalen.
De uitspraak werd gedaan door J.W. Schuttel, in aanwezigheid van griffier S. Sweep, op 13 juni 2008.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente en proceskosten na intrekking van het hoger beroep wegens tegemoetkoming aan bezwaar.