ECLI:NL:CRVB:2008:BD4142
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Bevestiging privaatrechtelijke dienstbetrekking ondanks zelfstandigheid en thuiswerken
Appellant voerde in hoger beroep aan dat betrokkene niet in dienstbetrekking werkte, maar op basis van een overeenkomst van opdracht, waarbij geen gezagsverhouding bestond en arbeidsvoorwaarden zoals vakantiedagen en loondoorbetaling ontbraken.
De Raad overwoog dat de drie essentiële kenmerken van een privaatrechtelijke dienstbetrekking – gezagsverhouding, persoonlijke dienstverrichting en loonbetaling – aanwezig waren. Betrokkene verrichtte de werkzaamheden persoonlijk, was specifiek aangezocht vanwege haar kennis, en het uurtarief werd als loon beschouwd.
Hoewel betrokkene veelal thuis en zelfstandig werkte, was zij organisatorisch ingebed in de bedrijfsvoering van appellant, die de gegevens aanleverde en toezicht kon houden. Dit maakte dat appellant werkgeversgezag kon uitoefenen.
De Raad concludeerde dat het Uwv terecht verzekeringsplicht heeft aangenomen en verwierp het hoger beroep. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de privaatrechtelijke dienstbetrekking wordt bevestigd.