ECLI:NL:CRVB:2008:BD3698
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van juiste medische en arbeidskundige grondslag bij WAO-schatting
Appellant stelde dat het UWV bij de vaststelling van zijn arbeidsongeschiktheid uit hoofde van de WAO een onjuiste medische en arbeidskundige grondslag had gehanteerd, waarbij zijn psychische en lichamelijke klachten volgens hem onvoldoende waren meegewogen.
De rechtbank had het beroep deels gegrond verklaard vanwege een onvoldoende gemotiveerde arbeidskundige onderbouwing, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. De Centrale Raad van Beroep heeft in hoger beroep het standpunt van appellant onderzocht, waaronder het verzoek tot nader psychiatrisch onderzoek op basis van een medisch adviseur.
De Raad concludeerde dat de verzekeringsartsen de beperkingen niet hadden onderschat en dat de afwijkende inschatting van de medisch adviseur onvoldoende aanleiding gaf voor nader onderzoek. Ook ontbrak nieuwe informatie die twijfel aan de bevindingen rechtvaardigde. De Raad bevestigde daarom de aangevallen uitspraak en wees het hoger beroep af.
De uitspraak benadrukt het belang van een deugdelijke medische en arbeidskundige beoordeling bij WAO-schattingen en bevestigt dat afwijkende medische adviezen niet automatisch leiden tot herbeoordeling zonder aanvullende aanwijzingen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.