ECLI:NL:CRVB:2008:BD2388
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering WW-uitkering wegens niet gemelde werkzaamheden in winkel vriendin
Appellant ontving een WW-uitkering gebaseerd op een 38-urige werkweek. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) stelde een onderzoek in nadat bleek dat appellant werkzaamheden verrichtte in de winkel van zijn vriendin, zonder dit te melden. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat hij zijn inlichtingenplicht had geschonden.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij slechts incidenteel hulp bood en geen beloning ontving, en dat zijn verklaring onder druk was afgelegd. De Centrale Raad van Beroep oordeelde echter dat de werkzaamheden als arbeid in economisch verkeer kunnen worden beschouwd, ook zonder loon, en dat appellant had moeten melden dat hij gemiddeld vijf uur per week werkte.
De Raad bevestigde dat het Uwv de uitkering terecht heeft herzien en de onverschuldigd betaalde bedragen terecht heeft teruggevorderd. Er was geen sprake van ontoelaatbare druk bij het afleggen van verklaringen en geen grond voor vergoeding van proceskosten. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van de te veel betaalde WW-uitkering bevestigd.