ECLI:NL:CRVB:2008:BD2198
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over WAO-uitkering wegens onvoldoende onderbouwing functie-eis
Appellante, werkzaam in de catering, viel uit wegens nek- en schouderklachten en ontving een WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35-45%. Na bezwaar verhoogde het UWV dit naar 55-65%, maar appellante was het niet eens met de urenbeperking en de geschiktheid voor geselecteerde functies, met name de eis om over een auto te beschikken.
De rechtbank vernietigde het eerste besluit wegens een onjuiste medische grondslag. Het UWV nam een nieuw besluit op bezwaar, maar de Raad oordeelde dat de medische motivering nu voldoende was. Echter, de arbeidskundige onderbouwing faalde omdat het UWV niet aannemelijk had gemaakt dat appellante aan de harde functie-eis van het beschikken over een auto voldeed.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank, vernietigde het tweede besluit en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit moet nemen, waarbij ook aandacht moet worden besteed aan eventuele schadevergoeding. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het bestreden besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit op bezwaar nemen.