ECLI:NL:CRVB:2008:BD0957
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- K. Zeilemaker
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsuitkering wegens overschrijding vermogensgrens zonder rekening te houden met niet-onderbouwde schulden
Appellant heeft meerdere keren een aanvraag om bijstand ingediend die telkens werd afgewezen vanwege overschrijding van de vermogensgrens, waarbij het College geen rekening hield met een door appellant gestelde schuld aan zijn broer. De Raad heeft eerder geoordeeld dat er geen daadwerkelijke terugbetalingsverplichting was voor deze schuld en dat andere schulden niet als relevant konden worden aangemerkt.
In hoger beroep bevestigt de Raad deze eerdere uitspraken en oordeelt dat het bestaan van de overige schulden niet objectief en deugdelijk is onderbouwd, waardoor deze niet in aanmerking kunnen worden genomen bij de vaststelling van het vermogen. De Raad ziet geen reden om eerdere oordelen te herzien.
Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de eerdere uitspraken worden bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 22 april 2008.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsuitkering wordt bevestigd omdat de schulden niet objectief en deugdelijk zijn onderbouwd.