ECLI:NL:CRVB:2008:BC9294
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens niet-melding vermogen
Appellant ontving bijstand sinds 2001 en werd tijdens een heronderzoek geconfronteerd met een besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand over de periode 24 september 2004 tot 5 juli 2005. Dit omdat hij niet had gemeld dat hij beschikte over een vermogen boven de toegestane grens, bestaande uit een BMW en een Mercedes die op zijn naam stonden geregistreerd.
Het College stelde vast dat de waarde van deze auto's het vermogen van appellant ruimschoots overschreed. Appellant slaagde er niet in aan te tonen dat hij niet over deze voertuigen kon beschikken. Hierdoor werd de inlichtingenplicht geschonden en was het College bevoegd de bijstand in te trekken en terug te vorderen.
De opgelegde maatregel, een verlaging van 10% van het bruto benadelingsbedrag, was in overeenstemming met de gemeentelijke verordening en er waren geen dringende redenen om hiervan af te wijken. De Raad zag geen aanleiding om de eerdere uitspraak te vernietigen en bevestigde deze zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd en het hoger beroep wordt afgewezen.