ECLI:NL:CRVB:2008:BC6519
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C.M. van Laar
- J.F. Bandringa
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige beoordeling beperkingen en belastbaarheid
Appellante stelde in hoger beroep dat haar beperkingen door het UWV waren onderschat en dat onterecht geen urenbeperking was aangenomen. De rechtbank had het bezwaar van appellante tegen de intrekking van haar WAO-uitkering gegrond verklaard en het besluit vernietigd vanwege onvoldoende motivering door het UWV.
De Raad overwoog dat de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts zorgvuldig en juist de medische beperkingen hadden vastgesteld in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). De bezwaren van appellante werden niet ondersteund door overtuigende medische gegevens. De Raad vond dat de FML voldoende rekening hield met haar chronische restsymptomen na whiplashletsel en energetische beperkingen, en dat er geen aanleiding was voor een aanvullende urenbeperking.
Ook de arbeidskundige beoordeling toonde aan dat appellante in staat was de drie geselecteerde functies te verrichten zonder de belastbaarheid te overschrijden. De Raad concludeerde dat het bestreden besluit op een deugdelijke medische en arbeidskundige grondslag berust en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarmee het hoger beroep werd afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering van appellante per 12 januari 2004.