ECLI:NL:CRVB:2008:BC4489
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep inzake Wajong-uitkering wegens ontbreken procesbelang
Appellante stelde in hoger beroep dat zij per 1 januari 2006 volledig arbeidsongeschikt was en recht had op een Wajong-uitkering berekend naar een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. De rechtbank had het bestreden besluit van het Uwv vernietigd omdat onvoldoende passende functies waren vastgesteld en appellante als volledig arbeidsongeschikt moest worden beschouwd. Het Uwv had vervolgens bij een nieuw besluit een Wajong-uitkering toegekend met ingang van 30 november 2005, rekening houdend met de wettelijke wachttijd.
In het hoger beroep heeft appellante niet toegelicht welk belang zij nog had bij de beoordeling van haar beroep, noch waarom het nieuwe besluit niet volledig tegemoetkwam aan haar standpunten. Ondanks oproep verscheen zij niet bij de zitting. De Raad concludeerde dat het procesbelang van appellante was komen te vervallen en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk.
De uitspraak benadrukt het belang van het procesbelang en het verschijningsvereiste bij bestuursrechtelijke procedures, en bevestigt dat het ontbreken daarvan kan leiden tot niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang en niet verschijnen bij de zitting.