ECLI:NL:CRVB:2007:BC0323
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit en vergoeding rente en proceskosten na intrekking maatregel WW-uitkering
Appellant had bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV waarin zijn WW-uitkering met 20% werd verlaagd wegens schending van de sollicitatieplicht. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep en voerde aan dat de maatregel ten onrechte was opgelegd.
Tijdens de procedure in hoger beroep trok het UWV de maatregel in en gaf aan de uitkering inclusief wettelijke rente na te zullen betalen en de betaalde griffierechten te vergoeden. De Raad oordeelde dat met deze intrekking volledig aan de grieven van appellant was tegemoetgekomen en verklaarde het hoger beroep gegrond.
De Raad veroordeelde het UWV tot vergoeding van de wettelijke rente vanaf 1 mei 2006 over de nabetaling van de uitkering en tot vergoeding van de proceskosten in beroep en hoger beroep, begroot op €966. Tevens werd het betaalde griffierecht van €143 aan appellant vergoed. De uitspraak werd gedaan door rechter T. Hoogenboom op 21 november 2007.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot verlaging van de WW-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente en proceskosten.