ECLI:NL:CRVB:2007:BB9615
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- K. Zeilemaker
- L.H. Waller
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende verstrekte inlichtingen over levensonderhoud en verblijfplaats
Appellant vroeg bijstand aan bij het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI) en werd door het College van burgemeester en wethouders van Venlo verzocht om diverse bewijsstukken te overleggen over zijn financiële situatie en verblijfplaats. Ondanks meerdere verzoeken verstrekte appellant onvoldoende en onduidelijke informatie, met name over hoe hij in de periode voorafgaand aan zijn melding in zijn levensonderhoud voorzag en waar hij feitelijk verbleef.
Het College wees de aanvraag af omdat het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld door het gebrek aan noodzakelijke gegevens. De rechtbank bevestigde dit besluit en ook de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het College terecht had gehandeld. De verklaringen van familieleden boden onvoldoende inzicht en de bankafschriften gaven geen duidelijkheid over de besteding van persoonlijke uitgaven.
De Raad benadrukte dat op grond van de WWB de belanghebbende verplicht is volledige en juiste informatie te verstrekken, waaronder over zijn woonadres. Het niet nakomen van deze verplichting vormt een rechtsgrond voor weigering van bijstand. Het hoger beroep van appellant werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd, zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag van appellant wordt afgewezen wegens onvoldoende verstrekte inlichtingen over zijn levensonderhoud en verblijfplaats.