ECLI:NL:CRVB:2007:BB5531
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting AOW-uitkering wegens niet-verzekerde tijdvakken
Appellante heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de Sociale verzekeringsbank (Svb) om haar AOW-uitkering te beperken tot 2% van het volledige pensioen, omdat zij slechts in februari en maart 1983 verzekerd was. Zij woonde altijd in Duitsland en was niet in Nederland werkzaam, en was gehuwd met een Nederlander van 1977 tot diens overlijden in 1983.
In hoger beroep stelde appellante dat zij altijd had aangenomen dat zij na haar 65e AOW zou ontvangen, mede vanwege mededelingen bij haar AWW-uitkering, en dat zij onvoldoende was voorgelicht over de gevolgen van haar verblijf in Duitsland. De Svb handhaafde echter het standpunt dat zij niet aan de verzekeringsvoorwaarden voldeed.
De Raad concludeerde dat er geen rechtens bindende toezegging was gedaan voor een volledig pensioen en dat de korting op de AOW-uitkering terecht is toegepast. Er is geen algemene voorlichtingsplicht van de Svb af te leiden en geen grond voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de korting op de AOW-uitkering wegens onvoldoende verzekerde tijdvakken.