ECLI:NL:CRVB:2007:BB1907
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- A. van Netten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAZ-uitkering wegens voldoende verdiencapaciteit ondanks beperkingen
Appellant, een zelfstandig binnenschipper, vroeg in oktober 2003 een WAZ-uitkering aan wegens pijn- en vermoeidheidsklachten die zijn werkzaamheden belemmerden. Na medisch onderzoek stelde een verzekeringsarts beperkingen vast als gevolg van bronchitis, fibromyalgie, hypertensie en adipositas, en legde deze vast in een Functionele Mogelijkheden Lijst.
Een arbeidsdeskundige selecteerde op basis van deze beperkingen voorbeeldfuncties en berekende het verlies aan verdiencapaciteit op 0%. Het Uwv weigerde daarop bij besluit van 24 december 2003 de WAZ-uitkering toe te kennen. Het bezwaar van appellant werd bij besluit van 28 juni 2004 ongegrond verklaard.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant ondanks zijn beperkingen nog in staat was om de geselecteerde functies te verrichten, waarmee hij een inkomen kon verwerven dat toekenning van een WAZ-uitkering uitsloot. Gezien het nihil maatgevend inkomen van appellant kon een WAZ-uitkering niet worden toegekend.
De Raad vond geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro en bevestigde de aangevallen uitspraak. Appellant was niet verschenen bij de zitting van 18 juli 2007. De uitspraak werd op 15 augustus 2007 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAZ-uitkering omdat appellant voldoende verdiencapaciteit heeft ondanks zijn beperkingen.