ECLI:NL:CRVB:2007:BB1593
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering wegens onjuiste medische grondslag en vergoeding proceskosten
Appellante ontving vanaf mei 2001 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid door opname in een psychiatrisch ziekenhuis. Het UWV herzag in 2003 haar uitkering van 80-100% naar 35-45% arbeidsongeschiktheid, wat appellante aanvocht. De rechtbank vernietigde dit besluit vanwege een onvoldoende arbeidskundige motivering en beval een nieuw besluit.
Het UWV nam in november 2005 een nieuw besluit met aanvullende arbeidskundige motivering, maar appellante voerde aan dat haar medische beperkingen waren onderschat en dat zij op de datum in geding volledig arbeidsongeschikt was. Diverse medische rapporten bevestigden haar ernstige psychische problematiek en volledige arbeidsongeschiktheid.
De Raad oordeelde dat het bestreden besluit en het primaire besluit van april 2003 niet op een juiste medische grondslag berusten en herroept deze besluiten. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot betaling van wettelijke rente over de na te betalen uitkering en tot vergoeding van proceskosten en griffierecht voor appellante.
Uitkomst: Het bestreden en primaire besluit worden vernietigd wegens een onjuiste medische grondslag en het UWV wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten.