ECLI:NL:CRVB:2007:BA8324
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering na auto-ongeluk en beoordeling medische beperkingen
Appellant, werkzaam als detentietoezichthouder, meldde zich ziek na een auto-ongeluk en vroeg een WAO-uitkering aan. Na medisch en arbeidskundig onderzoek concludeerde het UWV dat het verlies aan verdiencapaciteit 5,15% bedroeg, waarna een uitkering werd geweigerd.
In bezwaar werd gesteld dat appellant geen duurzaam benutbare mogelijkheden had en dat beperkingen waren onderschat. Een bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige bevestigden echter de medische en arbeidskundige beoordeling, waarbij het verlies aan verdienvermogen werd vastgesteld op 23,5%. Het bezwaar werd uiteindelijk gegrond verklaard en een WAO-uitkering toegekend vanaf 21 augustus 2003.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. In hoger beroep werden dezelfde gronden aangevoerd, waaronder het gebruik van medicatie tegen trillingen die pas na de datum in geding werd gestart. De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank, oordeelde dat er geen nieuwe medische informatie was die tot een ander oordeel leidde en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV en verklaart het hoger beroep ongegrond.