ECLI:NL:CRVB:2007:BA2095
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens onvoldoende motivering urenbeperking
Appellante ging in hoger beroep tegen het besluit van het UWV om haar arbeidsongeschiktheidsuitkering te verlagen met ingang van 22 januari 2004, waarbij werd aangenomen dat zij maximaal 30 uren per week kon werken. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en het besluit van het UWV.
De Raad oordeelt dat het UWV onvoldoende heeft gemotiveerd waarom functies met een gemiddelde werkweek van meer dan 30 uren toch passend zouden zijn, mede gezien het gebruik van de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) waarin een bandbreedte van 'ongeveer 30 uren' wordt gehanteerd. De Raad benadrukt dat de urenbeperking door de verzekeringsarts bindend is en niet achteraf mag worden gerelativeerd door arbeidsdeskundigen.
De Raad concludeert dat het bestreden besluit strijdig is met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht vanwege het ontbreken van een voldoende draagkrachtige motivering. Het besluit wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen, waarbij tevens de proceskosten aan appellante worden toegekend.
Uitkomst: Het besluit van het UWV tot verlaging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de urenbeperking.