ECLI:NL:CRVB:2007:BA1362
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling laten aanvraag bijstand wegens niet verstrekken gevraagde gegevens
Appellant diende op 25 mei 2004 een aanvraag om bijstand in bij het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam. Het College verzocht appellant om aanvullende gegevens, waaronder een ontslagbrief van zijn werkgever en de beslissing van het UWV omtrent een afgewezen WW-uitkering, binnen een gestelde termijn te overleggen. Omdat appellant niet aan dit verzoek voldeed, besloot het College de aanvraag niet verder in behandeling te nemen op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het College verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Amsterdam bevestigde dit oordeel. In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep stond centraal of het College terecht de aanvraag buiten behandeling had gelaten. De Raad oordeelde dat het College terecht om de gegevens had gevraagd omdat deze noodzakelijk waren voor een juiste beoordeling van de aanvraag. Appellant had de gevraagde gegevens niet binnen de gestelde termijn verstrekt en ook niet aangegeven dat hij deze niet kon verkrijgen.
De Raad concludeerde dat het College bevoegd en redelijk had gehandeld door de aanvraag buiten behandeling te laten en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand is terecht buiten behandeling gelaten wegens het niet tijdig verstrekken van gevraagde gegevens.