ECLI:NL:CRVB:2007:AZ5926
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.C.M. van Laar
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na medische en arbeidskundige herbeoordeling
Appellante, die sinds 1996 arbeidsongeschikt is na een auto-ongeval met whiplash, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering toegekend van 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid. Na een medische herbeoordeling in 2003 werd haar belastbaarheid opnieuw vastgesteld en leidde een fout in de berekening tot een onjuiste verlaging van haar uitkering naar 45 tot 55%.
Het UWV herzag dit besluit en stelde de arbeidsongeschiktheid vast op 65 tot 80%, wat door de rechtbank werd bevestigd. Appellante stelde hoger beroep in tegen de instandhouding van deze herziening. De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank dat de medische en arbeidskundige gegevens voldoende waren en dat appellante geen nieuwe medische informatie had aangeleverd die tot een ander oordeel zou leiden.
De Raad stelde vast dat het UWV terecht functies had geselecteerd die passend waren bij de belastbaarheid, opleiding en ervaring van appellante. Er was geen aanleiding om het bestreden besluit te vernietigen of te wijzigen. De Raad bevestigde daarmee de eerdere uitspraak en handhaafde de herziening van de WAO-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering van appellante naar een arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80% wordt bevestigd.