ECLI:NL:CRVB:2006:AZ5377

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
15 december 2006
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
04-6207 WAZ
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging besluit UWV over arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van WAZ

Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Breda waarin het besluit van het UWV werd bevestigd. Het besluit betrof de handhaving van een eerdere beslissing dat de arbeidsinkomsten van appellant in 2000 en 2001 geen aanleiding geven tot korting van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ).

Appellant voerde aan dat zijn medische beperkingen onderschat waren, maar de Raad oordeelde dat deze beroepsgrond terecht door de rechtbank was verworpen. Het bestreden besluit was uitsluitend gebaseerd op een arbeidskundige berekening en niet op een medische beoordeling.

Na onderzoek ter zitting, waarbij appellant in persoon verscheen en het UWV werd vertegenwoordigd door mr. W. Oostenbos, besloot de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren en bevestigde het de aangevallen uitspraak. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV en wijst het hoger beroep van appellant af.

Uitspraak

04/6207 WAZ
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[appellant] (hierna appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Breda van 11 oktober 2004, 03/2144,
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
(hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 15 december 2006
I. PROCESVERLOOP
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 17 november 2006. Appellant is in persoon verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. W. Oostenbos.
II. OVERWEGINGEN
Het inleidende beroep richt zich tegen het besluit van het Uwv van 26 september 2003 tot handhaving van zijn besluit van
18 juni 2003 dat de arbeidsinkomsten van appellant in 2000 en 2001 geen aanleiding geven tot korting van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ).
Hiertegen is appellant opgekomen met als argument dat zijn medische beperkingen zijn onderschat.
Deze beroepsgrond is naar het oordeel van de Raad terecht door de rechtbank verworpen. Het bestreden besluit is namelijk uitsluitend gebaseerd op een arbeidskundige berekening.
Het hoger beroep slaagt niet. De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door R.C. Stam. De beslissing is, in tegenwoordigheid van D. Olthof als griffier, uitgesproken in het openbaar op 15 december 2006.
(get.) R.C. Stam.
(get.) D. Olthof.