ECLI:NL:CRVB:2006:AZ5266
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens te late griffierechtbetaling ongegrond verklaard
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen uitspraken van de rechtbank Amsterdam, maar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet tijdig was betaald. Appellant deed verzet tegen deze niet-ontvankelijkverklaring en verzocht om uitstel van de behandeling ter zitting vanwege verblijf in het buitenland en persoonlijke omstandigheden.
De Raad wees het verzoek om uitstel af omdat het niet tijdig en onvoldoende gemotiveerd was ingediend en er geen sprake was van uitzonderlijke omstandigheden. Appellant stelde schade te hebben geleden door het niet verlenen van uitstel, maar de Raad verwees hem voor vergoeding naar de burgerlijke rechter.
De Raad oordeelde dat appellant het griffierecht niet tijdig had betaald en dat zijn argumenten omtrent verblijf in het buitenland en het ontbreken van acceptgirokaarten onvoldoende waren om het verzuim niet aan hem toe te rekenen. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard en het griffierecht wordt niet terugbetaald.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om uitstel afgewezen.