ECLI:NL:CRVB:2006:AZ1184
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bijzondere bijstand voor dieet zonder medische noodzaak
Appellante verzocht om bijzondere bijstand voor de meerkosten van een koemelk-, suiker- en glutenvrij dieet voorgeschreven door een natuurarts. Het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam weigerde deze bijstand wegens het ontbreken van een medische noodzaak, gebaseerd op adviezen van artsen van de GGD.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna zij in hoger beroep ging bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad overwoog dat bijzondere bijstand voor dieetkosten slechts kan worden toegekend bij een medische noodzaak. De Raad nam daarbij de GGD-adviezen mee, waarin ook informatie van de huisarts en behandelend arts was betrokken.
De Raad concludeerde dat appellante niet objectief medisch was aangewezen op het dieet en dat de aangevoerde argumenten in hoger beroep dit niet konden veranderen. Daarom was er geen grond voor bijzondere bijstand. Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van bijzondere bijstand wegens het ontbreken van een medische noodzaak voor het dieet.