ECLI:NL:CRVB:2006:AZ0462
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.P.M. van de Kerkhof
- N.J. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellante maakte bezwaar tegen de intrekking van haar WAO-uitkering per 21 april 2003, omdat het UWV haar arbeidsongeschiktheid op minder dan 15% had vastgesteld. De rechtbank Maastricht verklaarde het bezwaar ongegrond en oordeelde dat de medische en arbeidskundige beoordeling juist was.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad stelt zich geheel achter de overwegingen van de rechtbank, onder meer dat het UWV ondanks enige nalatigheid bij het toezenden van stukken geen aanleiding gaf tot vernietiging van het besluit. De arbeidsdeskundige en verzekeringsarts hadden de functies beoordeeld en geschikt bevonden, rekening houdend met de beperkte mentale belastbaarheid van appellante.
De Raad wijst ook het verzoek om schadevergoeding af, omdat geen grond is voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb. Daarnaast bevestigt de Raad dat het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS) als ondersteunend systeem in beginsel rechtens aanvaardbaar is, ondanks enkele tekortkomingen die in dit geval handmatig zijn beoordeeld.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering blijft in stand.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.