ECLI:NL:CRVB:2006:AZ0022
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsuitkeringen wegens onvoldoende duidelijkheid over verblijfplaats
Appellant had twee aanvragen om bijstand ingediend bij het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen. Het College weigerde de bijstand omdat appellant onvoldoende informatie gaf over zijn woonadres. Een huisbezoek op 26 augustus 2004 mislukte doordat appellant niet op het afgesproken tijdstip aanwezig was. Een tweede huisbezoek op 8 oktober 2004 toonde een kale, ongemeubileerde zolderruimte die niet geschikt leek voor bewoning.
Appellant gaf aan veel bij zijn kinderen te verblijven, maar kon dit niet duidelijk onderbouwen. De rechtbank verklaarde de beroepen tegen de afwijzende besluiten ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dat appellant niet voldeed aan zijn informatieplicht over zijn verblijfplaats, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.
Hoewel appellant eerder bijstand ontving op basis van het opgegeven adres, moest de actuele situatie worden beoordeeld. Een latere aanvraag leidde tot een huisbezoek waaruit bleek dat de woonruimte inmiddels was ingericht, waardoor toen wel bijstand werd toegekend. De Raad bevestigde de eerdere uitspraken en wees de beroepen af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de bijstandsaanvragen wegens onvoldoende duidelijkheid over de verblijfplaats van appellant.