ECLI:NL:CRVB:2006:AZ0020
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkering wegens niet verstrekken juiste woonadres
Appellant diende op 6 december 2004 een aanvraag in voor een bijstandsuitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en gaf daarbij een woonadres op in [woonplaats]. Ondanks inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie sinds 2 december 2004, bracht de sociale dienst van de gemeente Heerlen meerdere bezoeken aan het opgegeven adres. De bevindingen leidden tot twijfel over de daadwerkelijke bewoning van dit adres.
Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen wees de aanvraag op 10 februari 2005 af omdat appellant niet voldeed aan de inlichtingenplicht van artikel 17 WWB Pro, waardoor niet kon worden vastgesteld of hij daadwerkelijk woonachtig was op het opgegeven adres. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, waarna appellant in hoger beroep ging.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het College terecht aannam dat appellant niet daadwerkelijk woonde op het opgegeven adres gedurende de relevante periode. Bevindingen van een vervolgonderzoek die een latere bewoning aantoonden, konden niet meewegen bij de beoordeling van de oorspronkelijke aanvraag. Omdat appellant onvoldoende duidelijkheid gaf over zijn woonsituatie, was de afwijzing van de bijstandsuitkering terecht. Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsuitkering wegens het niet verstrekken van juiste en volledige informatie over het woonadres wordt bevestigd.