ECLI:NL:CRVB:2006:AY6986
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- A.A.M. Mollee
- G.F. Walgemoed
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vermindering wachtgeld wegens niet tijdig verlengen inschrijving bij CWI
Appellante kreeg eervol ontslag met wachtgeld toegekend op grond van het Rijkswachtgeldbesluit 1959. De Minister besloot het wachtgeld met 5% te verminderen omdat appellante haar inschrijving bij de Centrale organisatie werk en inkomen (CWI) niet tijdig had verlengd gedurende een periode van minder dan 56 kalenderdagen.
De rechtbank vernietigde het besluit wegens bevoegdheidsgebrek, maar handhaafde de rechtsgevolgen omdat de Minister het besluit alsnog nam en de grieven van appellante niet slaagden. In hoger beroep stond alleen de vraag centraal of de rechtbank terecht de rechtsgevolgen in stand hield.
De Raad oordeelde dat de Minister bevoegd was en dat het beleid om bij niet tijdige verlenging het wachtgeld te verminderen niet onaanvaardbaar was. Appellante kon zich niet beroepen op verminderde verwijtbaarheid ondanks haar burn-out, omdat zij geen objectieve medische gegevens aanleverde en in staat was om 12 uur per week te werken. Ook het feit dat zij was ontheven van de sollicitatieplicht deed niet af aan haar inschrijvingsverplichting.
De Raad bevestigde daarom het besluit tot vermindering van het wachtgeld met 5%, en wees een verzoek tot vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: De vermindering van het wachtgeld met 5% wegens niet tijdig verlengen van de inschrijving bij de CWI wordt bevestigd.