ECLI:NL:CRVB:2006:AY5539
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.P.J. Goorden
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Brieven over maximale duur WW-uitkering zijn wel besluiten; terugwijzing naar rechtbank
In deze zaak ging het om de vraag of brieven van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV), waarin de maximale duur van een loongerelateerde WW-uitkering werd vastgesteld, als besluiten in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moesten worden aangemerkt. De rechtbank Leeuwarden had geoordeeld dat deze brieven slechts mededelingen waren en geen besluiten, waardoor de bezwaarschriften van betrokkene niet-ontvankelijk werden verklaard.
De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat de brieven wel degelijk besluiten zijn, omdat zij rechtsgevolgen beogen. De brieven stellen vast dat de betalingsverplichting van het UWV met ingang van een bepaalde datum eindigt en dat een vervolguitkering zal ingaan. Dit betekent een wijziging van de rechtsverhouding tussen betrokkene en het UWV.
De Raad wees er ook op dat de einddatum van een loongerelateerde uitkering kan wijzigen door herleving van het recht op uitkering, waardoor de vaststelling van die datum niet definitief is en betrokkene rechtsmiddelen moet kunnen aanwenden.
Gelet op deze overwegingen vernietigde de Raad de uitspraak van de rechtbank en wees de zaak terug voor nadere behandeling. Tevens werd appellant voorwaardelijk veroordeeld in de proceskosten van betrokkene in hoger beroep.
Uitkomst: De brieven waarin de maximale duur van de loongerelateerde WW-uitkering werd vastgesteld zijn besluiten; de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank.